Etymologie, Etimología, Étymologie, Etimologia, Etymology, (griech.) etymología, (lat.) etymologia, (esper.) etimologio
NL Königreich der Niederlande, Reino de los Países Bajos, Royaume des Pays-Bas, Regno dei Paesi Bassi, Kingdom of the Netherlands, (esper.) Niederlando
Ismus, Ismo, Isme, Ismo, Ism, (esper.) ismoj
BR-Ismen

A

Ananas (W3)

Es gibt im Deutschen auch Wörter aus ganz entfernten Gegenden, die im Zuge des weltweiten Handels und des Imports von exotischen Früchten und Tieren in das Land kamen, darunter viele Wörter der Tupi, einem Stamm im Amazonasgebiet: "Ananas" = dt. "Frucht", "gut riechende Frucht".

Die dt. "Ananas" wurde aus der Guarani-Sprache der Tupí übernommen, die in Paraguay, Brasilien und Argentinien gesprochen wurde/wird.

Christoph Kolumbus machte angeblich im Jahr 1493 auf Guadeloupe Bekanntschaft mit der exotischen Frucht, als die Ureinwohner ihm Ananas als Willkommens-Geschenk überreichten.

Die Ausgangsbezeichnung in der Sprache der Tupí, Guaraní und im Karibischen war "naná", mit der Bedeutung dt. "parfümiert". Der Name deutete auf das volle Aroma der reifen Frucht hin. Die Portugiesen hängten den Artikel port. "a" davor und setzten es mit dem Pluralzeichen "s" in den Plural, port. "ananás". Im 16. Jh. erreichte port. "ananás" auch Frankreich (frz. "ananas"), Deutschland (frz. "Ananas") und andere europäische Sprachen.

In Bayern bezeichnt "Ananas" eine "Erdbeere. Das könnte darauf zurückgehen, dass man früher eine Sorte Gartenerdbeeren mit großen Früchten als "Ananaserdbeere" bezeichnete, wovon dann in Bayern nur noch die "Ananas" übrig blieb.

Die Engländer fanden, dass die "Ananas" eine große Ähnlichkeit mit einem Tannenzapfen hat und nannten sie engl. "pineappel".

Der 27. Juni wurde als "Internationaler Tag der Ananas", engl. "International Pineapple Day" ausgerufen.

(E?)(L?) https://www.academia.edu/76930078/Nederlandse_woorden_wereldwijd

"ananas" "vrucht"


(E?)(L?) https://www.etymologiebank.nl/trefwoord/ananas

...
Via het Portugees en het Spaans (Portugees "ananes" [1557; Friederici], "nanas" [1558; Friederici], Spaans "ananaz" [1563; Friederici]; nu in beide talen "ananás") ontleend aan "naná" en "ananá", woorden uit het Tupí-Guaraní, een inheemse Zuid-Amerikaanse taalgroep.

In 1555 leerde men de vrucht voor het eerst in Europa kennen door de beschrijving van de Franse kosmograaf André Thevenet (1502-1590). Wrsch. is het woord via Portugees "ananas" in het Engels en Frans als "ananas" opgenomen. In de Nederlanden is het bekend geworden door reisbeschrijvingen uit de 17e eeuw.
...


(E?)(L?) https://www.etymologiebank.nl/trefwoord/ananasbloem

ANANASBLOEM - (KRUIDACHTIG SIERPLANTJE (ANGELONIA ANGUSTIFOLIA))


(E?)(L?) https://www.etymologiebank.nl/trefwoord/boomananas

BOOMANANAS - (DE GROTE SOORTEN VAN DE ANANASFAMILIE)


(E?)(L?) https://www.etymologiebank.nl/trefwoord/bosananas

BOSANANAS - (DE GROTERE WILDE SOORTEN VAN DE ANANASFAMILIE)


(E?)(L?) https://anw.ivdnt.org/article/ananas

...
Woordfamilie

Als deel van een afleiding Als rechterlid in samenstellingen en samenkoppelingen Als linkerlid in samenstellingen en samenkoppelingen


(E?)(L?) https://uitleenwoordenbank.ivdnt.org/resources/2001.pdf

1596 ananas ‘vrucht’ - SPAANS


(E?)(L?) https://uitleenwoordenbank.ivdnt.org/index.php/uitleen/zoek_gecombineerd_cached?sort=alf&initiaal=A

ananas [vrucht]

zelfstandig naamwoord ; datering: 1596;

thema: plantenrijk

Klik hier voor de volledige woordfiche


(E?)(L?) https://uitleenwoordenbank.ivdnt.org/docs/donselaar.pdf

"ananas" (-sen), enige inheemse, op de bodem groeiende plantensoorten verwant aan de gecultiveerde "ananas" en op deze lijkend.

1835 (Teenstra 2:144, "wilde ananas"). ?.

Ook in Westelijk Guyana (Hartsinck 1770:283), mogelijk afkomstig van daar.

Opmerking: Voor "ananas" als bij Heneman (1784) zie "pinezwamp"*.

(dons2013)

"a’nanas": "wilde ananas" (de, -sen),

1. naam van een soort "ananas" met kleine vruchten, voorkomend aan de rand van rotsplaten* ("Ananas ananassoides", "Ananasfamilie"*).

2. naam voor alle grotere soorten van de "Ananasfamilie"*, behalve de gekweekte "ananas", zowel (a) de bodem begroeiende als (b) andere planten (vooral bomen) begroeiende. (a) Echter wordt deze barre zandwoestijn op eene bevallige wijze door bloemdragende doornheesters en eene menigte wilde ananassen () afgewisseld (Teenstra 1835 II: 144). (b) Vaak nestelen ze [boomslangen] in parasitaire planten, z.a. wilde ananassen (Bromeliaceae) in de oerwoudbo men (Heyde 1978: 76).

Etym.: Oudste vindpl. (van 2a)

Teenstra (cit.). - Syn. van 2 bosananas*, van 2b boomananas*.

(dons1989)

"a’nanasbloem" (de, -en), kruidachtig sierplantje met smalle bladeren en één lange bloemtros met paarse bloempjes, afkomstig uit West-lndië en Mexico (Angelonia angustifolia, Bezemkruidfamilie*).

Zie Ost. 164.

(dons1989)

"A’nanasfamilie" (de), familie van eenzaadlobbige kruiden; de bladeren in een wortelrozet, vaak met doornige rand, de bloemen in aren of pluimen; vaak epifytisch, d.w.z. groeiend op andere planten, vooral op bomen (Bromeliaceae).

Etym.: Genoemd naar de gewone ananas ("Ananas comosus").

(dons1989)

"boom’ananas" (de, -sen), naam voor de grote soorten van de Ananasfamilie* die epifytisch groeien, d.w.z. op andere planten, vooral op bomen. Heel voorzichtig gaan ze verder en zo komen ze eindelijk onder zo’n oude koffiemama* vol boomananassen (in deel van toelatingsexamen Mulo 1949).

Zie ook: "wilde ananas"*, "bosananas"*.

(dons1989)

"bos’ananas" (de, -sen), naam voor de grotere soorten van de "Ananasfamilie"*, behalve de gekweekte ananas, zowel (a) de bodem begroeiende als (b) andere planten (vooral bomen) begroeiende (epifyten). a: De kruidlaag ontbreekt soms vrijwel, in andere gevallen is hij dicht, waarbij meestal bosananas [in dit geval Bromelia alta] overheerst (L&Mo 18). b: Gemakkelijk te onderkennen epifyten zijn naast de varens de bosananassen, vaak met rozetten van harde aan de rand gestekelde bladeren waarin water wordt opgevangen, en orchideeën (Enc.Sur. 181).

Etym.: Ze komen overal voor, ook in de stad: zie "bos-"* (3). S "boesinanasi" ("boesi" = o.m. bos-* (3); "nanasi" = "ananas").

Syn.: "wilde ananas", (van b) "boomananas"*.

(dons1989)


(E?)(L?) https://nl.wikipedia.org/wiki/Ananas

...
Etymologie

"Ananas" is een woord uit het Tupi, de taal van de Tupi-indianen, en betekent uitmuntende vrucht. De Spanjaarden noemden de vrucht "piña", naar de "dennenappel" ("cono de pino").
...


Erstellt: 2024-04

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

Q

R

S

T

U

V

W

X

Y

Z